Vattenfall/I Petterson/Azote

Nieuw onderzoek: vogels mijden windmolenbladen

Zeevogels mijden boven zee bewust rotorbladen van windmolens – dat is de belangrijkste bevinding van een nieuw onderzoek dat de vliegpaden van duizenden vogels rond windmolens in de Noordzee in kaart bracht. Het belangrijkst is dat gedurende twee jaar van monitoring met behulp van camera's en radar geen enkele vogel werd geregistreerd die tegen een rotorblad botste. 

Soms wordt het risico van botsingen van vogels op windmolenbladen gebruikt als argument tegen het gebruik van windenergie. Uit een nieuwe, zeer uitgebreide en technologisch geavanceerde rapport blijkt dat zeevogels voor de kust van het Verenigd Koninkrijk beter zijn in het vermijden van windmolenbladen dan eerder aangenomen. 

Met behulp van radar en camera's konden onderzoekers gedurende twee jaar monitoren hoe vogels zich gedroegen in de baai van Aberdeen in de Noordzee aan de oostkust van Schotland. Van april tot oktober zijn de bewegingen van zilvermeeuwen, jan-van-genten, drieteenmeeuwen en grote mantelmeeuwen in het Aberdeen Offshore Windpark uitvoerig bestudeerd. 

Vogels gedroegen zich anders

De resultaten tonen aan dat vogels hun bewegingspatronen aanpassen aan rotorbladen vanaf een afstand van ongeveer 120 meter en dat de patronen steeds nauwkeuriger worden aangepast naarmate de vogels dichter bij de rotors komen. Er waren ook enkele verschillen tussen de bestudeerde zeevogels. De zilvermeeuwen en drieteenmeeuwen vertoonden horizontale vermijding verder weg van de rotorbladen, respectievelijk 90-110 meter en 140-160 meter, terwijl de jan-van-genten en de grote mantelmeeuwen alleen vermijdingsgedrag vertoonden op een afstand van 40 en 50 meter van de uiteinden van de rotorbladen.

Geen vogel gedood

Tijdens het onderzoek werd geen enkele botsing tussen een vogel en een rotorblad geregistreerd, ook al lopen vogels het risico in contact te komen met turbinebladen.

"Dat is de belangrijkste bevinding", zegt Henrik Skov, die het project leidde. "Mensen hebben geclaimd dat er zeer dure oplossingen nodig zijn om te voorkomen dat vogels botsen met windmolenbladen, maar de soorten die wij gevolgd hebben, zijn er heel goed in om ze te vermijden. Ze lijken uitstekend in staat om in een windenergieomgeving te overleven." 

Unieke technische oplossing

In het verleden was het lastig om offshore onderzoek te doen naar het botsingsrisico voor vogels. Op het land is het relatief eenvoudig om de effecten van windmolens te monitoren, maar op zee, in de vaak slechte weersomstandigheden, is die opgave lastiger.

De unieke, voorheen ongebruikte technische oplossing voor het onderzoek was het combineren van radargegevens met camera's om de soorten zeevogels te identificeren en een driedimensionaal beeld te creëren van de vliegpatronen van vogels en hoe ze rotorbladen vermijden.  

"Het interessante aan het combineren van die twee opties is dat we altijd wisten waar elke vogel was, wat belangrijk is als je wilt begrijpen wat een vogel in een windpark doet en waar die dat doet", legt Skov uit. "Met tussenpozen van tweeënhalf seconde weten we precies waar de vogels zich in een driedimensionale wereld bevinden en kunnen we omschrijven wat ze doen met betrekking tot windmolens, hoe ver ze ervan verwijderd zijn en meten we de actuele weersomstandigheden. De achterkant van de turbines, aan de lijzijde, zorgt ook voor turbulentie die het gedrag van de vogels beïnvloedt. Naast het weer en de wind is dat dus ook een factor om in de berekeningen op te nemen." 

Verbeterd vermogen om botsingsrisico te voorspellen

De resultaten zouden de weg vrij kunnen maken voor eenvoudigere vergunningsprocedures voor offshore windenergie. "In milieueffectbeoordelingen bestaat aanzienlijke onduidelijkheid over het voorspellen van het risico op botsingen", zegt Robin Cox, Vattenfalls projectmanager voor het onderzoek. "Dit heeft geleid tot een onnodig voorzichtige benadering van deze kwestie, en min of meer elk project heeft het risico dat vogels tegen de bladen botsen, overdreven. Via dit project hebben we gegevens kunnen verzamelen die naar we hopen gebruikt kunnen worden om het risico op botsingen nauwkeuriger te kunnen voorspellen en het mogelijk maken realistischere schattingen te maken van het totale effect van windparken in de Noordzee." 

Gedetailleerde gedragsstudies

Bij modellering van botsingsrisico's werden volgens Cox tot op heden statische modelinputs en basisveronderstellingen gebruikt. Het nieuwe onderzoek heeft zich in meer detail kunnen richten op het vlieggedrag van individuele vogels. Het project is ook gedurende een lange periode uitgevoerd om het zo nauwkeurig mogelijk te maken. 

"We wilden dat het project twee jaar zou lopen, zodat we variaties in activiteit en gedrag in de loop der tijd konden zien", legt Cox uit. "We anticipeerden er ook op dat zich in de eerste fasen van het project mogelijk kinderziekten aan de technologie zouden kunnen voordoen, wat we probeerden aan te pakken door te beginnen met het verzamelen van gegevens voordat het project daadwerkelijk van start ging. Dat konden we doen, al waren er de eerste maanden wel enkele technische en logistieke problemen. Het was daarom goed om twee jaar voor het project te hebben. We zijn er ook in geslaagd om in het tweede jaar verbeterde volgsystemen uit te rollen, waardoor we meer en betere gegevens konden verzamelen."

Een nieuwe standaard voor vogelstudies?

Zoals bij de meeste onderzoeken zijn er verschillende nieuwe richtingen die deze bevindingen openen. Cox is van mening dat het model dat gebruikmaakt van een combinatie van radar en camera's een nieuwe norm zou kunnen stellen voor het berekenen van botsingsrisico's, en hij stelt dat er nog steeds veel gegevens geanalyseerd moeten worden.  

Skov benadrukt ook dat er tot nu toe slechts vier vogelsoorten bestudeerd zijn. Het model kan echter worden toegepast op meer soorten zeevogels, of op onshore windenergie, wat het belang van het project versterkt.

"Dit is de eerste keer dat er in een offshore windpark zo gericht onderzoek is gedaan naar bepaalde vogelsoorten. En deze vogels zijn heel goed in het vermijden van de turbines. Nu is onderzoek naar meer variëteiten nodig", zegt Skov, en hij voegt eraan toe dat onderzoeken naar het gedrag van vogels deel uitmaken van het algemene doel om te voorkomen dat er windparken in een vliegcorridor van zeevogels worden gebouwd.

Foto: Vattenfall/I Petterson/Azote

Deens onderzoek als voorloper

Het onderzoek in het Aberdeen Offshore Windpark is gebaseerd op eerder Deens onderzoek naar de kleine rietgans en de kraanvogel dat in 2020 werd gepubliceerd ENG). De belangrijkste verschillen tussen de twee onderzoeksrapporten zijn dat het Deense onderzoek is verricht op onshore windenergie, dat er een meer fysieke methode werd toegepast (het gebied rond windmolens werd herhaaldelijk onderzocht om vogelkarkassen te vinden) en dat het zich concentreerde op ganzen en kraanvogels. Beide rapporten suggereren echter dat vogels beter zijn in het vermijden van turbinebladen dan eerder gedacht. 

Lees ook het persbericht over het onderzoek in het offshore windpark Aberdeen: Onderzoeksproject van € 3 miljoen onthult hoe zeevogels offshore windparken vermijden (ENG).

Aanmelden voor onze nieuwsbrief

Wil je meer interessante verhalen lezen over klimaatslimme energie en duurzaamheid?
Meld je hier aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief THE EDIT (ENG).

Bekijk ook

Waarom offshore windparken aantrekkelijk zijn voor leven in zee

Nu de wereld afstapt van fossiele brandstoffen om klimaatverandering tegen te gaan is het cruciaal om de productie van fossielvrije elektriciteit snel te verhogen en tegelijkertijd schade aa...

Lees het hele artikel

"We moeten het echte risico van windparken voor vogels begrijpen"

Thermische camera's gaan vogelbotsingen registreren bij windpark Hollandse Kust Zuid in een test die in augustus van start gaat. "We zijn nog steeds op zoek naar de juiste technologie om het...

Lees het hele artikel
Vattenfall/Erik Sparrevik

Satellieten volgen Zweedse alen naar de Sargassozee

Het afgelopen jaar zijn er meer Zweedse alen dan ooit tevoren vanuit het Vänernmeer naar zee getrokken. En deze keer volgen satellieten de 7000 kilometer lange zwemtocht naar hun paaigr...

Lees het hele artikel